Meer

Tweeëntwintig jaar woonde Theo naast ons. Of wij langs hem want hij was eerst. Ons huis grensde aan zijn mancave want hij had behalve dit huis nog een thuis bij zijn vrouw. In het buurhuis kwam hij alleen zijn. Het was een ruimte voorbehouden voor hem alleen met een paar muren, een tuin en een TV. Hij keek er naar voetbal. Meer had hij niet nodig. Geen Chesterfield zetel, antieke schrijftafel, collectie whisky, biljarttafel, sporttoestel, platenkast of weet ik veel wat mannen nog meer hebben en doen in hun paradijs. De enige sigaren die hij had of kreeg, rookte hij op. Zo roken we wanneer hij er was want tweeëntwintig jaar hebben we niets gehoord en genoot hij in stilte van zijn plek. Theo is niet meer. We hebben nieuwe buren. Ik heb ze nog niet gezien maar wel al gehoord. Ze gaan verbouwen en aangezien wij dat ook ooit hebben gedaan, heb ik nu al met hen te doen. Geen idee of ze gaan voor een mannenhol of she shed want zo heet blijkbaar de vrouwelijke afzonderingsplaats. We laten ze graag werken aan hun huis en lawaai maken. Een eigen ruimte zal nog niet voor direct zijn en komt meestal pas na huisje, boompje, kindje en als de kindjes groot zijn. Wij zijn zover en laten ons niet graag in één gat vangen. We zijn overal graag en onze lievelingsplek past in een fietstas. Als we minder lawaai willen, springen we op de fiets. Vorig weekend fietsten we naar Meer. Via de app Welcome to my garden kwamen we terecht bij Saskia en Michel. Zij verbouwden een oude pastorijwoning. De werken liggen al even achter hen. Ik ben niet in hun huis geweest dus ik weet niet of er een hij of zij stek is. Er wonen immers ook nog drie kinderen. Hun tuin is een paradijs voor wie graag traag reist. Wij konden er ons trekkerstentje opzetten en daarin lezen, schrijven, whisky drinken en naar de regen luisteren. Meer moet dat niet zijn. Waarvan wil jij meer en hoe ziet het er eruit?

Marc

Vorig jaar wilde ik jouw bureel opruimen. Nu voel ik de nood je aan te manen tot een digitale blijf in uw kot. Ik heb veel bewondering voor jou en je collega’s. Het is niet gemakkelijk te blijven staan in stevige stormen. Jullie gaan ervoor en houden vol. Op mijn sympathie kunnen jullie rekenen. Wat ik aan jou ook bewonder is dat je je niet laat doen. Je bent even hardnekkig als een virus. Je zwemt als geen ander tegen de stroom in. Door de stront moet je niet kruipen maar vliegen. Proficiat daarvoor. We hebben er gisteren over gepraat tijdens onze wandeling maar je zei niets terug. Koppig als je bent, denk je er wellicht het jouwe van. Je weet goed genoeg hoe het gaat met kwaliteiten en valkuilen. Ik moet jou niet uitleggen dat je met meer rust en ontspanning meer afstand kan nemen en milder naar de wereld kijkt. Ik las dat je vorig jaar amper twee dagen vrij nam. Dat verklaart veel en lijkt me niet gezond. Misschien is de vakantie met slecht weer die je nu te beurt valt nog zo slecht niet. Vandaag ging ik fietsen. Richting Ranst en door de Markweg in Rijkevorsel. Het wilde weer lukken. Ik moest weer aan je denken. Ik heb onderweg een Markske gedaan. Iets wat ik in pakweg Antwerpen stad al een tijd vermijd. In Keerbergen toeterde een autobestuurder omdat ik langs de kant van de weg op mijn fietsmaatje wachtte. Op een zonnige zondagvoormiddag om half elf in een rustige residentiële straat. Een oudere man en vrouw in een dure auto. Ik keek op. Zag aan de man achter het stuur dat het geen vergissing was en begon breed te glimlachen en enthousiast te zwaaien. Ik wilde hem niet uitlachen maar wel doen nadenken. Ik had een helm op en schatte in sneller te zijn. Je weet nooit. Jij had het zeker ook gedaan misschien zonder kansberekening, voor de sport of gewoon omdat je het niet laten kan. Ik ben daarna geen heethoofden meer tegengekomen en het voorval was snel weer uit mijn hoofd. Het voordeel van ontspanning. Moet je eens proberen, Marc. Je mag altijd nog eens meekomen. Dan hebben we er het er nog eens over.  

GPS

‘Van onze Tom weet je nooit hoe laat hij komt en hoelang hij blijft’ zei mijn schoonvader en dus stapten wij in totale vrijheid op onze nieuwe fietsen voor een korte rootsreis. Voorzien op alles maar nog zonder tent en slaapzak laten we ons verrassen door wat komen zal. De route- en navigatie-app Komoot stuurt ons langs mooie en vaak onbekende wegen. Een oude man op een erf zwaait terug. Zelfgemaakte koffie aan het Schulensmeer. Een glas schuimwijn bij mijn ouders. Koffie met gebak bij zijn ouders. Relatief droog op de bestemming. Overnachten in de oude sigarenfabriek waar we bijna vierentwintig jaar geleden onze trouwfoto’s maakten. Toen nog een ruïne, ondertussen warm industrieel en met klasse gerenoveerd. Buiten ontbijten. En dan staat die schoonvader kwispelend in koerstenue voor de factorij. ‘Van papa weet je nooit wanneer hij komt en hoelang hij blijft’ aldus de zoon. We hebben er een GPS bij. Eentje waarvan je het geluid niet kan afzetten en ook weerstation is. Na de middag gaat het regenen. Hij loodst ons langs zijn jongste zoon, het college waar we school liepen en langs het militair domein naar Koersel kapelleke waar ongeveer alle schoolreizen naartoe gingen. Zalig om die twee vijfenzeventig en vijfenveertig naast elkaar te zien rijden. Aan de steenkoolmijn van Beringen drinken we samen een glas en keert hij terug naar huis. Straks gaat het regenen. Het was fijn samen te fietsen. We rijden verder met Komoot langs Diest en de Demer. Vanaf Aarschot regent het. Je weet nooit wanneer het komt en hoelang het duurt. Onze fietsen zijn gepoetst. We kunnen weer dromen van een volgende trip.  

Porsche

‘We zijn backpackers met slechte knieën’, hoor ik hem zeggen als we samen bij fietsen King aankomen. Ik kijk even rond, zie alleen fietsen en begrijp dat het over ons gaat. Bij de specialist fysische geneeskunde kijk ik ook even rond als hij spreekt over zesenveertig jaar. Ik besef pas dat het over mij gaat als er niemand anders in de kamer is. Mijn fietsmaatje heeft zijn huiswerk gemaakt en spreekt al een tijd over een onderhoudsarm versnellingssysteem. Daar vang je mij mee. Zo blijf ik in je wiel. Het verwijst naar lange trektochten en avontuur, rust en ontspanning. Snelle efficiënte systemen hebben een streepje voor en steken een tandje bij. De masterclass door de opper king brengt ons bij Rohloff-naaf. Ik weet niet of ik alles wat hij vertelt, kan onthouden. Een goede leraar weet leerlingen met drama en humor bij de les te houden. Met een geweer tegen zijn slaap kiest de verkoper voor Rohloff-naaf. Een systeem dat al dertig jaar bestaat en ons na een testrit ook overtuigt. Als de fiets wordt geleverd wanneer al onze vakantiedagen op zijn, proberen we het nieuwere Pinion. Die heeft ook een bijzondere overbrenging voor duurzaam schakelgemak maar hier zit alles in de trapas in plaats van het achterwiel. Bedacht door junioren bij Porsche. Oh jee. Het is als kiezen tussen de BMW 5- of 7- reeks terwijl we geen BMW-rijders zijn. Mijn koersfiets is tweedehands, heeft een derailleur en bolt prima. Zonder notitie te nemen, probeer ik het belangrijkste op te slaan al vrees ik voor hier-in en daar-uit. Zo gaat het ook nog een tijd over het frame, de ketting en de schijfremmen terwijl ik wegdroom en de wind mee heb op onze eerste fietsreis. Na lang wachten, komen de fietsen aan en zijn ze klaar om op te halen. In het atelier krijgen we nog een cursus, de dienst na verkoop. Elke vijs wordt getoond, elk scenario overlopen en elke oplossing uitgelegd. Hoewel je niet lek kan rijden, oefenen we toch voor het geval dat. We kopen hier in één beweging een pakje je-weet-maar-nooit. Heb ik al verteld dat we kiezen voor het merk Idworx? Als de naam zijn eer aandoet ben ik hier tijd aan het verliezen die ik op mijn fiets kan doorbrengen. Ik hoop uit te bollen als we met onze fiets de winkel verlaten en bots op een bekende. ‘Oh. Geweldig. Is het een elektrische?’ ‘Nee zeg. Het is een euh…’ Ik weet niets meer van wat ik heb geleerd en wil alleen gaan rijden. ‘Maakt niet uit’ sust hij. ‘Geniet van je trip. Ik zie de foto’s wel komen’.