Kleine en grote gelukskes

Wie laat er nu zijn kinderen alleen? Euh, twee derde is meerderjarig. Ze zijn goed opgevoed en heel zelfstandig.

Wie gaat er nu hiken als ze al een druk leven leiden? Euh, we zijn niet zo goed in stil zitten en hebben het daarom misschien juist nodig. 

Waar stappen jullie naartoe? Compostella? Euh, had gekund maar niet deze keer. De Mullerthal Trail in Luxemburgs Klein Zwitserland. In 2014 gecertificeerd met het label Leading Quality Trails – Best of Europe. 

Is het coronaproof? Euh, het kan niet beter. We komen geen kat tegen en zijn voortdurend in openlucht. Zelfs naar het toilet gaan, enfin ja, je weet wel. 

Waarom doe je dat? Wat wil je ermee bereiken? Euh, vrijheid, avontuur en ontelbare kleine gelukskes. In willekeurige volgorde? Perfect inpakken. Leven op je eigen ritme. Opstaan, eten en slapen wanneer je wilt. Een goedendag van een kruisende wandelaar. Een prachtig uitzicht. Mooie wolken. Een dorp met café dat open is nadat je er enkele hebt gepasseerd zonder. Kleurrijke bloemen. Vogels die zingen. Machtige rotspartijen. Appelcider of Berdorf kaas van de streek. Fladderende vlinders. Zonneschijn na regen. Een rustige slaapplek. De regen op je tent. Een picknickbank naast een natgeregende tent. Een gevriesdroogde maar goed gekruide maaltijd. Franbozen en bosbessen langs de weg. Een bankje. Manlief die onderweg koffie zet of tekent. Een fris biertje na een lange tocht, als de tent er staat en (ach waarom niet) bij het eten. Een Italiaanse cappuccino als je hem niet verwacht. Soep als het regent. Een goed boek. Een verkwikkende douche. Als een blok in slaap vallen. Gewekt worden door de vogels. Elkaar zo vaak als je wil, vertellen hoe geweldig het is. Zo kan ik nog uren doorgaan. 
Zin om er ook voor te gaan? Neem een rugzak, tent, matje, slaapzak en voldoende eten en je kan zo vertrekken. De route is prima aangegeven. 
Verwen je vooraf met een klassiek vijfgangenmenu in Hotel Kinnen in Berdorf. Je zal de hele weg denken aan de hemelse smaak van de champagnesorbet in zilveren kommetje. 

Etappe 1 Berdorf naar Born 28 KM Camping Salzwaasser

Etappe 2 Born naar Echternach 25 KM Camping Officiel

Etappe 3 Echternach naar Consdorf 23 KM Camping La Pinède

Etappe 4 Consdorf naar Larochette 28 KM Camping Auf Kengert.

Etappe 5 Larochette naar Consdorf  30 KM Camping La Pinède

Etappe 6 Consdorf naar Berdorf 18 KM of 150  KM in 6 dagen. 

Slaap nog een laatste keer tussen de koeien in B&B Roudenhaff en rijd voldaan naar huis. 
De kleine gelukskes moet je niet najagen maar dankbaar ontvangen. Thuis komen in een gepoetst huis en met hele gezin  prosecco drinken en sushi eten voor je huwelijksverjaardag, dat is misschien te danken aan die opvoeding. Met veel dank aan mijn grote gelukskes. 

Fwiet fwiet

Het is zoals met zwanger zijn of een nieuwe fiets of auto willen. Opeens zie je overal bolle buiken en kinderwagens of het model van je dromen. Zo ging het ook met vogels spotten. Al jaren zingt er een merel in onze tuin. Ik weet niet precies wanneer hij (alleen mannetjes zingen) eindelijk de aandacht kreeg die hij verdiende. Misschien sinds we zelf niet meer mogen vliegen en corona ons in ons kot en dichter bij huis hield. We letten meer op wat we horen en zien. Nadat Begijn le Bleu en Jan Rodts bij Friedl Lessage in Touché kwamen, is de interesse exponentieel toegenomen. We zien en horen overal vogels. We volgen de podcast Fwiet Fwiet en De slimste vogelgids ligt op onze salontafel. We hebben al heel wat vogels kunnen determineren en afvinken (die kon ik niet laten liggen). De kinderen stellen als maar meer vogelvragen aan mijn wederhelft die bezig is een echte vogelaar te worden. Wat hij niet weet, vraagt hij aan Begijn (vogelaars onder elkaar). Samen bekijken en becommentariëren we al wat pluimen heeft. Heerlijk om hun discussies te horen en in te vullen. Het leukst zijn de hele kolonies die ons voor gaan tijdens een wandeling om elkaar te verwittigen. We proberen ook elke vogel te fotograferen al gaat tekenen soms sneller. 
Toen onze oudste op gezinsvakantie ontdekte dat ze haar bachelor grafisch ontwerp met onderscheiding had behaald, opperde ze dat ze haar tekentalent van papa had. Ze daagde hem uit haar schetsboek te gebruiken en in geen tijd tekende hij een paar prachtige vogels. In de rugzak voor onze Mullerthal Trail was plaats voor een klein Moleskine schetsboekje. We staan regelmatig stil om te spotten. Elke dag tekent hij een tafereel alsof hij nooit anders heeft gedaan. Een jaloezie de métier krijg ik ervan en dus sorteer ik nog wat woorden. Elke vogel zingt zoals hij gebekt is. Fwiet fwiet.

Doorgaan met het lezen van “Fwiet fwiet”

Samson

Wat ben je met een blog over plannen maken, als dat even helemaal niet kan? Wie of wat kan ik dan uitdagen? Mezelf. Ja, dat is wel duidelijk! Normaal ga ik om de vijf weken naar de kapper. Als je nu goed naar me kijkt (stel gerust een vraag om te weten waar mijn voorkant zit), denk je onmiddellijk aan het 28e stripverhaal van Jommeke.

Alsof alle kracht in mijn haar zit, blijf ik ontzettend hard werken. Het lijkt wel of ik alle veranderingen waar we door heen moeten, graag voor het einde van de lockdown wil afgerond hebben. Wat word ik moe van mezelf. Als ik zo doorga, maak ik kans op een coronaburn-out. Ik bedenk net (ah, toch een plan!) dat ik beter nog projecten over laat voor volgende virale opflakkeringen waarbij afstand houden niet voldoende zal zijn en quarantaine nodig is. Ik hoor me nog uitbundig meezingen op het laatste liveoptreden dat ik voor lange tijd meemaakte. ‘Zeg alles af voor morgen’. Dat leek me toen een bijzonder aantrekkelijke gedachte. Het zal nog even het laatste optreden blijven maar niet getreurd, ik ben goed in mezelf in stilte bezighouden.

Zoals iedereen mis ik de leuke afleidingen die schoonheid en kleur geven aan ons leven. Al een geluk dat iedereen thuis is en gezond. Onze jongste had de wilde haren van haar broer bijgewerkt. Het was goed gelukt maar volgens haar ook maar een student en dus niet zo risicovol. Mijn coupe vond ze een stapje verder. Mama heeft een professionele look nodig om selectiegesprekken te doen en via een beeldscherm naar dressings en slaapkamers te kijken waarin kandidaat-werknemers zenuwachtig het beste van zichzelf geven. Hun nervositeit daalt wellicht wanneer ze de muts op mijn hoofd opmerken.

Minder uiterlijk vertoon brengt ons sneller bij de essentie en dat maakt werken nu nog plezanter. Je zet drie mensen samen; een technieker, een werkvereenvoudiger en een werkversneller en de boel gaat vooruit. Naarmate je vordert haal je er andere talenten bij die een verschil maken. Niet stilvallen. Verder doen. Ik prikkel graag en het is zó bevrijdend als aanzetten worden opgepikt en weer een duwtje geven aan een volgende stap.

Ik geniet van de kappersbeurt en voel me met elke knip frisser en fitter worden. Het resultaat is beter dan dat van Jommeke. Ik kan er weer volle goede moed tegenaan en dat was niet eens een plan.

Het opruimvirus

Ik moet niet meer herhalen dat we leven in bijzondere tijden. Nooit maar dan ook nooit hadden we gedacht mee te maken wat we nu mee maken. Ik bedoel natuurlijk de Coronacrisis (covid-19) en alle maatregelen om de curve af te vlakken. Het bewijst nog maar eens dat de realiteit altijd de fictie overtreft. Het is zo ingrijpend dat iedereen nog lang over een leven vóór en laat ons hopen ook over een leven na corona zal spreken.

Het maakt de Plannemie tijdens deze pandemie in mij weer klaar wakker. Het deel van mij dat graag plannen maakt en plezier haalt uit sorteren, structureren en opruimen is altijd erg aanwezig. Soms steek ik er als een virus andere mensen mee aan, soms niet. We zijn nu eenmaal wezens die verschillen. Nog meer dan anders moeten we ons daar nu bewust van zijn en beseffen dat iedereen zijn ups en downs heeft en dat we elkaar moeten helpen en steunen.

Mijn opruimhonger heeft een ongeziene piek bereikt sinds ik de bureau van Marc Van Ranst heb gezien. Ik slaap er niet meer van. Die curve kan volgens mij niet hoger en moet zakken. Ik bewonder de kennis en het leiderschap van die man maar echt waar voor orde en netheid mag hij op mij rekenen. Andere virologen wil ik ook helpen en iedereen die nu het verschil maakt in de strijd tegen het virus en de zorg voor anderen.

Nog eens. We zijn allemaal anders. Er zijn noodgedwongen harde doorwerkers en thuisblijvers. Bij de thuisblijvers kan de ene zich goed in stilte bezig houden terwijl de andere hulp nodig heeft om niet helemaal in de impasse te blijven steken. Je hebt er die vooruitdenken zonder te weten wat komen zal en er zijn er die blijven omzien naar wat was. Ik heb dit weekend alvast het boek ‘De overgang’ gelezen. Niet dat er al iets aan de hand is maar in het boek staat dat elke vrouw van 45 het moet lezen en dus kan ik dat al afvinken. Wat gedaan is, is gedaan.

Iedereen die van de gelegenheid gebruik wil maken om op te ruimen en te minimaliseren moet dat vooral doen. Wat droom ik daar al lang van. Weg met alle ballast en het gehamster van nutteloze hebbedingen voor je-weet-maar-nooit. We zijn nu in je-weet-maar-nooit en gebruik je die oude rommel nu? Nee. Dus.

Maar. Zoals je in de supermarkt nu best maar één pak wc-papier tegelijk koopt, mag je nu ook niet alles in één keer dumpen bij de eerste de beste recyclagebol die je rondom je kot tegenkomt. Het hoort allebei niet. Het is niet hygiënisch en zelfs gevaarlijk om nu al je afval te storten op plaatsen waar het niet kan en mag verwijderd en verwerkt worden. Hou je op dat vlak een beetje in! Kan dat? Maak een kamer of stuk van je tuin vrij om je rommel te sorteren en stockeren.

Als het virus opgeruimd is, zullen de recyclageparken en kringloopwinkels er weer zijn en zij verdienen ons respect. Net zoals alle zorgwerkers, rekkenvullers, vervoerders, pakjesverdelers, politieagenten en al wie nu het essentiële blijven mogelijk maken. De lente schoonmaak gaat nooit zo grondig gedaan zijn. Succes ermee!

Hoe warm kan je lopen voor lopen

Vandaag zouden mijn zoon en ik samen de twintig kilometer van Brussel lopen. Het heeft helaas niet mogen zijn en misschien is dat maar goed ook. We houden allebei van lopen. Ik kies voor ver en rustig. Hij houdt van kort knallen.

Deze editie van de wedstrijd door onze hoofdstad was bijzonder warm. Ik liep voor de Schone Kleren Campagne van Wereldsolidariteit in een clean shirt. De verantwoordelijken riepen ons op om heel voorzichtig te zijn. Het is geen schande om deze jaargang niet uit te lopen of om trager te zijn dan anders. Heel zorgzaam van hen. Aan de andere kant is twee uur lopen niets in vergelijking met de hard labeur van de kledingarbeidsters in Bangladesh waarvoor we geld hebben ingezameld.

Ik heb voor het eerst stukken gewandeld. Later, als ik een zotte oude doos ben met fout gestifte lippen, zal niemand me vragen welke tijd ik liep op de 20K van Brussel in 2018. Ze zullen vragen waarom ik altijd zo graag heb gelopen.

Ik heb onderweg zoveel gedronken dat ik klotsend aan de meet kwam al viel dat niet op doordat we moesten aanschuiven om over het eindpunt te geraken. Het gezapige ritme van het grootste deel van de veertig duizend deelnemers veroorzaakte behoorlijk wat file. Aan de meet, bij de uitreiking van de medailles en in het naar huis rijden. Ik had naar huis kunnen lopen maar had nog een afspraak.

Onze zoon heeft niet zomaar opgegeven. Hij had zelf een wedstrijd. Vierhonderd meter. Een vijftigste van een halve marathon en binnen de minuut is de klus geklaard. Al moet je op de piste wel mooi binnen de lijntjes lopen. In de auto las de vrouwenstem, die me doorgaans de weg wijst, de sms-en van manlief. Bij ‘Wij zijn er al’ besefte ik dat ik er niet op tijd zou geraken. Dan volgde ‘Hij gaat starten’ en uiteindelijk hoorde ik ‘Tweede, drieënvijftig seconden’. Ik miste de wedstrijd! Verdorie! Zilver! We konden niet samen lopen en nu kon ik hem ook niet zien. Gelukkig was ik nog op tijd voor het podiumgebeuren. We waren allebei weer warmgelopen en konden glunderend naar huis met een medaille.

M/V met talent

De collega’s maken de brug. Ik ga voor de lol evenzeer naar Antwerpen. Op de trein geen werkmensen met laptops maar kleine kinderen met plopkoeken. Ik ga niet werken en ook niet naar de zoo. Ik ga samen met enkele andere vrouwen en een mannelijke gids naar Annemie Van Kerckhoven in het Museum voor Hedendaagse Kunst. Mijn favoriete kunstwerk werd ooit voorgesteld aan Jan Hoet die het geweldig goed vond. ‘Een top werk! Magnifiek! Van wie is het?’ riep hij door de zaal waarop een kleine blonde haar vinger opstak. ‘Wat?’ bulderde Hoet. ‘Van U. Dat kan niet! Het trekt op niks. Pak het in en maak dat je ermee weg bent. Ik wil het nooit meer zien.’ Sindsdien tekent deze dame haar werken met AMVK. Zo kan je niet zien dat het van een vrouw komt. Waarom verdient zij minder dan haar mannelijke collega’s? Eerlijk is het niet. Bij de lunch ventileer ik erover. Mijn tafelgenoten zijn iets oudere dames en bijna allemaal lesbisch. Ze geven me groot gelijk. Hen moet je natuurlijk niet vertellen dat vrouwen harder hun best moeten doen. Zij weten er alles van. Ik vertel over de workshops die alle collega’s op het werk volgen en die begeleid worden door een M en een V. Over de mannelijke begeleider hoor ik lovende woorden. Over de vrouw is er meer commentaar. Ik vind ze allebei goed in hun vak. Hoe komt dat toch? Waarom moeten vrouwen zich nog altijd meer bewijzen dan mannen? Wanneer ik die vraag in mijn dagelijkse omgeving hardop stel, lijk ik wel de enige die er zo naar kijkt. Hoe kan dat nu? Ga het maar na. Je moet er eens op letten. In de weekendeditie van de krant lees ik een interview met de man die De Mol presenteert. In de finale zitten dit keer alleen mannen. Hij stelt ook vast dat het altijd de vrouwen zijn die worden afgemaakt en denkt dat we het lastig hebben met vrouwen die het goed doen. Voila! Nu hoor je het eens van een ander. Ik ben dan toch niet alleen met mijn idee. Mij geloven ze niet maar een man misschien wel.

IMG_20180511_144159_370

Yoga

Mijn yoga juf heet Joni. Ik verzin het niet! Joni geeft Vinyasa yoga, een sportieve variant. Ik ben een trouwe en enthousiaste leerling. Op mijn vorige Camino, zag ik regelmatig een Française op een plein haar wandelbottinen uitgooien voor een paar mooie poses. Het leek me geweldig om dat ook te kunnen en het inspireerde mij om ook met yoga te beginnen. Ik heb er nog geen moment spijt van gehad. Het maakt me rustiger, sterker en gezonder. Ik had me vast voorgenomen om tijdens deze Camino ook zo nu en dan mijn veters los te maken en boots aan de kant te gooien voor enkele oefeningen. Ik ben echter geen geschikte plek tegen gekomen. Het gras was te nat. Het zand was te modderig. De stenen waren te hard. Onderaan in het stapelbed was er geen plaats en bovenop was te gevaarlijk. Bovendien was er geen zon te bespeuren voor de zonnegroet!Ik weet niet of een poncho over je hoofd en rugzak zwieren ook een goede beweging is, maar die kan ik ondertussen héél goed. Laat ons zeggen dat ik veel heb kunnen oefenen. Dat gaat zoals een klein kind in de kleuterklas zijn jas leert aandoen. Wel opletten dat je stapschoenen nergens op staan want dan sla je een mal figuur. De echte yoga oefeningen onderweg zijn voor een volgende stapvakantie. Ondertussen kijk ik reikhalzend (stretchen!) uit naar de volgende yoga les met juf Joni.

Welke route

Was het dat ene glas Porto bovenop de brug? Of lag het aan de taltijke Portohuizen rond de Douro? Ik had me vooraf voorgenomen om de Caminho Portugues dwars door Portugal te volgen en kocht de gids die me die weg zou wijzen. De eerste etappe kon ik echter nog kiezen voor de zee of het binnenland. Ik weet niet wat er precies gebeurde maar ik kon het niet laten. Ik werd meegesleurd door de Douro en bleef het pad ernaast volgen tot aan de zee. Een bijzonder mooi traject. Alleen jammer van de aanhoudende regen. De eerste nacht bleef ik overnachten dichtbij de zee en was ik helemaal alleen in de herberg. De volgende dag regende het precies nog harder en was de zee nog wilder. Ik snakte naar boerendorpen, weilanden en bossen. Het heeft wat stapvoeten in de aarde gehad om terug op de andere route te geraken. De wandelgids die ik meegenomen had, wist alleen het hoogstnodige en de gele pijlen bleven me hardnekkig naar de zee sturen. Die was te wild om te blijven volgen. Door de aanhoudende regen had ik al genoeg water gezien en ik besliste met de gps in de hand door te steken naar het binnenland. Ik had die eerste etappe ook gekozen voor de veiligere weg en moest nu even op mijn tanden bijten langs wegen waar de vrachtwagens me met poncho en al omver bliezen. Uiteindelijk kwam ik op de weg die ik wilde gaan. Ik was zo blij toen ik op een weipaal een gele pijl zag staan. Door het koude en natte weer, maakte ik wel vaart. Na vijf dagen was ik al in Spanje en in acht dagen was de klus geklaard. Vandaag ben ik aangekomen in Santiago de Compostela. Het was een mooie route maar ze zal nog veel mooier zijn als de zon schijnt.

Caminho Portugues

Eens je de Camino hebt gelopen, wil je meer van hetzelfde. Vorig jaar liep ik in één maand van Saint-Jean-Pied-de-Port naar Santiago de Compostela en vier dagen verder naar Finisterra en Muxia. Dit jaar wilde ik iets gelijkaardigs beleven. Ik koos voor een kortere route. De Portugese vanuit Porto. Het is ongeveer tweehonderd vijftig kilometer tot Compostela.

Jean-Pierre en Alain, twee Fransmannen die ik vorig jaar op de weg tegenkwam, lieten me weten dat ze dit jaar in Lissabon zouden vertrekken. Dat ik daar niet aan had gedacht! Maar wacht. Ik doe geen half werk. Uit de race stappen is niets voor mij. Ik maak graag af waar ik aan begin en van Lissabon naar Compostela was dan weer te lang. Mijn allerliefste mama vindt nu al dat ik mijn gezin in de steek laat. De kans dat ik die mannen onderweg zal zien, is volgens hen nihil tenzij ik op één been stap en dat ga ik uiteraard niet doen. Bert en Kitty, het Nederlandse paar van vorige editie, lieten me weten over enkele weken ook te starten in Porto. Zo vreemd was mijn plan dus helemaal niet. De Caminho Portugues is duidelijk minder populair. Er zijn ook beduidend minder herbergen. En aangezien ik veel minder lang onderweg ben, zal ik ook minder volk leren kennen. Er wordt niet geroepen vanuit een toffe bar of goede herberg. Niemand komt me halen als ik ergens helemaal alleen blijf overnachten en dat is best wel jammer.

Op mijn tweede stapdag kreeg ik een berichtje van Dirk, de Belg die ik vorig jaar helemaal op het einde ontmoette. Ik wilde stoppen maar stond voor een gesloten herberg en moest nog 12 kilometer verder. Hij begreep het helemaal en vroeg nadien of ik een slaapplaats had gevonden. Ik moest niet antwoorden. De Man en ook mijn gezin weten wat het is. Gewoon stappen en het kopje leegmaken. Verder niets. Zo simpel is dat en op deze kortere route is dat zeker het geval. Het is kort en krachtig maar zo zalig om weer te stappen.

Reizen is een driedubbel plezier

Reizen is een driedubbel plezier: verwachting, avontuur en herinnering. Het grootste avontuur dat je kunt beleven is om het leven van je dromen te leven. Manlief weet het altijd spannend te houden. Terwijl ik vorig jaar al een half leven wist dat ik naar Santiago de Compostela wilde stappen, besliste hij pas drie maanden geleden welke bestemming zijn rondreis kreeg. Aanvankelijk wilde hij ook naar Santiago de Compostela stappen maar hij stapt niet graag zonder mij en iemand moet onze kinderen in de gaten houden. Azië interesseerde hem wel. Maar waar begin je? Hij overwoog Myanmar, Laos en Vietnam. Hij koos uiteindelijk voor Sri Lanka. Een mooi land met vriendelijke mensen en sinds enige tijd ook veilig. Dachten wij. Hij maakte een plan en zou in drie weken het hele eiland zien. Een grote hernia een maand voor afreis strooide bijna roet in het eten. Eind vorige maand kon hij wonder boven wonder toch vertrekken. Al moest hij noodgedwongen zijn traject aanpassen. Via sociale media konden we zijn doen en laten volgen en kregen we mooie foto’s en leuke verhalen. Halfweg de reis werd in Sri Lanka de noodtoestand uitgeroepen na zwaar etnisch geweld. Het reisplan werd nog eens aangepast. Een boeddhistische chauffeur kwam om na verkeersagressie door moslims. In Kandi werden honderden huizen in brand gestoken. Uit schrik voor geweld op het hele eiland gold een avondklok en blokkeerde de overheid alle sociale media om de propaganda te stoppen. Gedaan met prentjes en praatjes. Niets meer. Geen Facebook, Messenger, Instagram, Whatsapp, enz… meer. Eventjes leek het erop dat ze de fotodagboekapp Journi waren vergeten af te sluiten maar al snel kwam er ook via die weg niets meer door. Old school mailen was de enige manier om in verbinding te blijven. Hoe romantisch is dat. Skype lukte een beetje. Dit weekend komt hij terug thuis en zal hij veel kunnen vertellen. Ik vermoed dat hij nog terug zal willen gaan en hoop dat we dat samen kunnen doen. Het is altijd iets. Het was goed en je wil meer. Of. Je hebt niet alles gezien en je wil nog een keer. Over enkele weken ga ik de Portugese route naar Compostela stappen. Ik kijk ernaar uit maar eerst bijbabbelen. Misschien wil ik in de toekomst wel gaan stappen in Azië.