¡Hola! ¿Qué tal?

Muy bien. Gracias. Het gaat goed. ¡Estupendo! zelfs. Ik ben weer een mobiele applicatie rijker. Met behulp van apps kan je functies toevoegen aan je smartphone waardoor je die kan upgraden tot multifunctionele communicatieapparatuur. Is dat niet geweldig?

Ik vind Spaans een mooie taal. Enkele jaren geleden volgde ik een zomercursus. Intensief les volgen en daarna tapas eten, films van Pedro Almodóvar kijken en salsa dansen. Niets zo doeltreffend om izquierda en derecho te onthouden. Het was de zomer waarin wielrenner Alberto Contador werd betrapt op doping en ik een volledig Spaans interview kon verstaan. Eerlijkheidshalve moet ik eraan toevoegen dat hij maar drie woorden gebruikte: cero, cinco en pero. Ik had een kleine basis maar wat je niet bijhoudt, verlies je snel.

Ik wilde met Compact Discs de dagelijkse file nuttig maken en mijn Spaans oefenen maar in mijn nieuwe auto zit geen CD-speler. Ik krijg het Spaans benauwd bij het idee niet te weten hoe ik in Spanje de camino of een slaapplaats moet vragen. Ik moest dus een andere solución bedenken.

Met Duolingo kan je altijd en overal talen leren. Het is leuk om te doen en een tikkeltje verslavend. Je kan instellen hoeveel en hoelang je wil oefenen en het programma helpt je eraan denken als je het zelf vergeet. Ik moet gaan nu. It’s time for my daily Spanish lesson.

¡Hasta luego!

Advertenties

Nog twee weken

En Plannemie wordt Stappemie. Met de “st” van stoer en stil. Ik kijk uit naar de rust en stilte. Hoe meer mijn rugzak wordt gevuld, hoe minder straf of stoer ik me voel.

Mag ik je al voorstellen aan mijn rugzak. Monster voor de vrienden. Voor wie en wat we graag zien, zijn we toch altijd iets harder maar ik zie hem graag. Hij is sterk en stevig en er kan veel in. Deuter is een eerlijk merk. Sociaal-politiek kon ik geen betere kleur bedenken.

Hij gaat zes weken lang mijn alles zijn. Mijn lastpak, kajuit, kleerkast, voorraadkamer, steun en toeverlaat. Wellicht ook het enige dat ik kan knuffelen. Al zal dat geen endorfines opleveren. Die zullen van het wandelen moeten komen.

Mijn rugzak is klaar. Beter twee weken te vroeg dan twee weken te laat. Er zitten alleen zaken in die ik niet meer nodig heb. Uiteraard geen vers fruit, of chocolade maar energiebars en gevriesdroogde kost. Geen pumps of chique kleren maar microvezelhanddoeken, sneldrogende kledij en wollen sokken. Drie stuks van elk. Zo hebben ze mij geleerd. Geen poetsgerief of kantoorartikelen maar een volle E-reader, gevulde Ipod en een leeg schrift. Manlief heeft de rugzak ondertussen ook gecheckt. Geloof me. Daar kan de securitycheck op gelijk welke luchthaven nog wat van leren. Voor wie we graag zien, zijn we toch iets harder maar ik zie hem graag.

Ik heb een hele waslijst van wat er in mijn vakantiehuisje moet en doorgaans hou ik van ordenen en organiseren maar deze keer wordt alles op één hoop gegooid. De natuur zal me zuurstof geven. De camelbak zal het vochtgehalte op peil houden. Hopelijk heb ik mijn zonnebril en zonnecrème heel veel nodig. Zachte mousse om mijn heupen te beschermen en de zalf van Gehwol is de masseur van dienst. Pleisters en pilletjes tegen pijn. Een infuus voor heimwee via de smartphone. Een powerbank als reserve batterij. Duct tape en een naaisetje voor wat ongewild los zit. Een slot voor wat ik zelf even los wil laten. Een zakmes om los te maken wat vast zit. Een slaapzak en matje. Een goede gids en geloofsbrief voor een slaapplek. Het nooddeken hoop ik niet nodig te hebben. Voor het geval ik in camouflagekleuren niet gevonden wordt als dat wel nodig is, heb ik nog een knalrode regencape.

Ik weer me als een duivel in een wijwatervat om mijn laatste plannen te realiseren en af te vinken. Ik wil beginnen aan mijn pelgrimstocht. De foto’s die ik maak, kan je vinden op Journi.

Sprakeloos

Ik moet nog een paar dingen doen vooraleer ik aan mijn Camino begin. Sprakeloos zien bijvoorbeeld. De verfilming van één van mijn favoriete boeken geschreven door Tom Lanoye. Ik heb hem gisterenavond gezien. Check.

In het begin van het boek was de schrijver ziek. Hij liep van de ene dokter naar het andere onderzoek. Er bleek een boek op zijn maag te liggen. Het boek over zijn moeder. Mooie madame, slagersvrouw, moeder van vijf en comédienne. Pardon actrice. Diva met streken eigenlijk. Het werd een boek over haar maar ook over zijn vader, zijn afkomst en dus ook over zichzelf. Het kan niet anders dan moeilijk zijn een groot familieverhaal op te hangen aan zij die je het leven en de taal schonk en dan haar spraak verliest, daarna haar waardigheid en uiteindelijk haar hartenklop.

In theatertournee Sprakeloos op de planken speelde de tekst de hoofdrol. Als de tekst goed is, is de monoloog dat ook. De dramaqueen in de schrijver kon zich helemaal uitleven. Het werd nog duidelijker waarom de bevalling van het boek zo moeilijk was geweest.

De film vertelt het beste uit het boek. Een sterk verhaal door een competente cast met muziek van Jef Neve. Geen trucjes. Het zijn de ogenschijnlijk doodgewone blikken en gebaren die ontroeren. De borrel die wordt geheven naar alle portretten in de woonkamer. De fluisterende gesprekken op de gang in het ziekenhuis. De zorg voor iemand die aftakelt. Afscheid nemen van iemand die niet meer kan spreken. De liefde die maakt dat je toch een beetje blijft wie je was.

Hartverscheurend en hilarisch.

Ik was drie keer sprakeloos.

thIXWNC52S

 

La vie Minérale

Het is voorbij. Het is gedaan. Het was met gemengde gevoelens dat ik aan Tournée Minérale begon. Manlief deed niet mee. De collega’s gelukkig wel. Niet dat ik op het werk alcohol drink, maar alles is leuker in groep. Na het weekend werden we flink op de rooster gelegd. Niemand wil dan af gaan.

Ik hou van uitdagingen zeker als ze gezond zijn en voor het goede doel. De alcoholpauze ging verrassend goed. De tijd gaat snel als je je alcoholvrij amuseert. Je drinkt bewuster, gaat gezonder met alcohol om, krijgt minder suikers binnen en bent frisser.

De meest spannende momenten waren de weekends. Er was een driegangenmenu met een vriendin in een goed Italiaans restaurant. Ik koos voor de aangepaste waters en muntthee als digestief. Ik kwam er buiten met voldoende energie en vocht om een hele marathon te lopen. Bij een Nepalees eethuis excuseerde ik me voor de vraag of ze alcoholvrij bier hadden. Gelukkig was de brouwerij in de buurt ook al op dat idee gekomen. Op de kwis van de scouts vreesde ik het ergste. Er werden vier schuimende drankjes geserveerd maar het was alcoholvrij bier en we hebben niet één juist geraden. Om begrijpelijke redenen kwamen we ook niet aanmerking voor de zuipbeker.

Toen de eindmeet bijna in zicht was en de goesting bij een etentje bijzonder groot, kreeg ik een paar flessen super lekkere mocktail cadeau. Moet je zeker eens proberen.

  • 200 ml granaatappelsap
  • 100 ml water
  • 1,5 uitgeperste limoen
  • 3 koffielepels rietsuiker

Alles mengen en serveren in een glas met ijs. Muntblaadjes en granaatappelpitjes maken het af.

De opdracht is volbracht en  smaakt naar meer. Echt waar. Je zal het aan de waterfactuur zien. Ik ga me niet onmiddellijk ladderzat en lazarus drinken. Ik wil best nog doorgaan en denk aan La vie Minérale met  jokers voor de zon/- en feestdagen of weekends. Zullen we er daar binnenkort eentje op drinken?

img_20170225_204957

Naar de wuppe

Ik doe graag streektalen na. Ik wil me daarvoor verontschuldigen bij mijn  Limburgse familie, Hollandse schoonzus, het Oost-Vlaamse deel van mijn schoonfamilie, Leuvense buren, Antwerpse collega’s, bazen uit de Kempen en West-Vlaanderen. Aan de tongval van mijn Brabantse bazin, waag ik me niet wegens te mooi om te verknoeien. De kopie is immers nooit zo goed als het origineel.

Gisterenavond ging ik naar een optreden vant Zesde metaal. Ik had toch al gezegd dat ik het niet kan laten. Hoewel ik het eigenlijk niet kan. Ik hoor Wannes Capelle graag bezig. Ik denk dat die man zelfs rust uitstraalt als hij mijn to do-lijst voorleest. Zeker weten. Hij is sappig zonder mollig of wollig te zijn. Heerlijk hoe hij het West-Vlaams trouw blijft en deelt met de wereld. “Tis allemaal naar de wuppe” is toch zoveel zachter dan “naar de klote”.

De teksten, als ik ze goed begrijp, zijn ook de moeite. Alles wat ik doe, ik doe het voor u. Achter zoveel jaar. Peis je nog aan mie. Ip Min Kniën. Onderbemand. Ze blijven hangen. Ik loop al de hele dag te zingen dat het allemaal naar de wuppe is terwijl tallemolle goeid komt. Dat hoop ik toch. Dat denk ik zeker.

Ik heb een doosje met het geluid van de zee. Gekregen van een zee-meisje. Het geluid zou me rustig moeten maken in gevallen van nood. Ik denk dat een nummer van Wannes meer effect heeft. “tkomt allemolle goeid”  is misschien een idee voor een volgend nummer.

lkl

Honing en azijn

De voorbije week werd ik in de auto om de oren geslagen met verkeersinfo en een zoektocht naar oplossingen voor de ellendige files in België. Met dank aan Radio 1. Er was zelfs een prijs voor de meest frustrerende file. Een belangrijk thema want elk uur sterft in ons land iemand door vuile lucht. Het ging over honing/- en azijnmaatregelen en de vraag wat je kan doen om te belonen en te straffen.

Ik had weer iets om over na te denken onderweg. Mobiliteit. De plooifiets die in mijn hoofd zat, heb ik er ondertussen uit gehaald want hij was te zwaar. Sinds kort ben ik de trotse bezitter van een abonnement op de stadsfiets. Na een halfjaar op de wachtlijst als nummer dertienduizend en zoveel kan ik eindelijk rondfietsen in A. In de ideale wereld zou ik graag per fiets en trein huiswaarts keren. Naar het werk kan deze vroege vogel de file vermijden en naar de radio luisteren.

Na elke operapremière en recensie van Kurt Van Eeghem, wil ik de eerste afrit nemen om tickets te bestellen. Hij vertaalt de gezangen niet alleen van Italiaans naar Nederlands maar legt ook met handen en voeten uit waar het over gaat. Alsof hij zijn eigen familiegeschiedenis vertelt. Hij brengt het met passie en leuke en soms pikante details. Eindelijk heb ik nu een login en kon ik kaartjes bemachtigen.

Elk nadeel heeft een voordeel. Al die uren onderweg, leveren ook wel eens iets op. Het uitzicht op de kathedraal vanop mijn werkplek bijvoorbeeld. Of eten in het Frites Atelier van Sergio Herman, de eerste luxefrituur van de topchef in België. De frieten zijn er sexy en de saus hemels. Daarna een opera van Verdi, Simon Boccanegra. Al pikten we eerst nog de voorbeschouwing mee. Geen overbodige luxe, zelfs  niet met boventiteling. Het ging over liefde en politiek. Dat scheen in dertienhonderd en zoveel belangrijker dan verkeersperikelen.

Honing was er genoeg. Toen ik gisterenmiddag op de Meir zoet een winkel buiten kwam, trapte ik recht in een hondentrol. Dat probleem los je blijkbaar toch niet op met GAS-boetes. Maar goed, ik wil geen azijnpisser zijn. De balans is positief.

Ziek mogen zijn

Het is me dit jaar (we zijn 40 dagen ver!) al twee keer overkomen. Ziek zijn. Straffer nog. Ik ben zo het nieuwe jaar begonnen. Op oudejaarsavond hoorde ik in bed te liggen maar bleef ik hoestend en snotterend rondlopen om luchtkussen te geven in de overtuiging anderen niet aan te steken. Een gezond en gelukkig 2017. Smak smak smak.

Bij het begin van de volgende maand deed ik het nog eens over. Nog beter deze keer. Al kies je dat natuurlijk niet. Het overkomt je. Overdondert je ook. Platte batterij. Slappe vod. Alsof je net niet dood gaat. Zo zielig. Het enige waar ik in geslaagd ben, is geen alcohol te drinken waardoor die Tournee Minérale al voor één derde is gelukt. Ik heb in die periode trouwens ook geen chocolade aangeraakt. Is dat een uitdaging die nog moet komen? Misschien na de Dagen zonder vlees van volgende maand?

Ik heb mijn deel “ziek zijn” voor dit jaar wel gehad. Het kan nu alleen maar beter. Ik ben gestart met een stevige vitaminekuur. Een inenting tegen griep behoorde ook tot de mogelijkheden maar daarvoor moet ik wachten tot de zomer weeral voorbij is en die mag volgend jaar heel lang duren.

Ik moet er wel bij vertellen dat ik het geluk heb, ziek te mogen zijn. Eerst spartel ik natuurlijk tegen. Ik strijd graag met mezelf. Eens ik me heb overgegeven (excuus) neemt manlief zonder aanmoediging de touwtjes nog meer in handen. Kinderen zijn op hun best als mama’s ziek zijn. Op het werk mag ik ook ziek zijn. Bij het eerste ziektebriefje volgt een “Laat je goed verzorgen” en “Ziek maar goed uit”. Bij het tweede briefje antwoorden ze “Kom ons vooral niet aansteken” en vermelden ze dat ik zeker mijn mails niet moet beantwoorden. Jammer voor al die steunbetuigingen die je zo pas leest nadat je ze wel nodig hebt.

En eigenlijk hebben ze gelijk want door te gaan werken;

  • Maak je het erger
  • Steek je anderen aan
  • Ben je minder geconcentreerd
  • Maak je fouten
  • Duurt het langer vooraleer je hersteld bent.

Het is helemaal geweldig als collega’s en leidinggevenden bij werkhervatting;

  • Informeren hoe het gaat
  • Tijd geven om er terug in te komen
  • Ruimte geven om de agenda en e-mails bij te werken
  • De meest dringende zaken al hebben overgenomen of opgelost.

Ik heb het geluk goed omringd te zijn en ziek te mogen zijn. Dat lijkt me goed voor een gezond en gelukkig jaar, meer weerstand en veel werkgoesting.

Zeventig

“Ga je hierover een blogstukje schrijven?” vroeg mijn trouwste fan ergens tussen de Trevifontein en het Pantheon. “Als jij zin hebt, kan ik een gastblog regelen” antwoordde ik. Dat moest ik geen twee keer zeggen. Ik zag meteen een brede glimlach om zijn mond en een diepe frons in het voorhoofd. In zijn hoofd was hij er al aan begonnen. Hier is hij dan, de blog van mijn vader.

Begin januari mocht ik, en dat ging vrij vlot, zeventig kaarsjes uitblazen. Bij de vele kaartjes met gelukwensen stak er ook een klein boekje met als titel: “Het leven begint bij zeventig.” De kinderen en kleinkinderen werkten er gretig aan mee. Bij een uitgebreid etentje met elven, werd ik met geschenken overladen. Het eenmalig Magazine Michel. Een Nespresso koffiemachine. Nooit zijn de smaakpapillen zo op de proef gesteld door koffie! Een driedaagse vliegreis naar Rome met dochterlief. Het gezegde: “Napels zien en…..” hebben we veranderd in: “Vedi Roma e poi muori.”

Vorig maandag ben ik, voor de eerste keer, in Zaventem van de grond gegaan om te landen in Fiumicino, een halfuurtje met de trein van Rome stad. Dan begon een driedaagse van verkennen, verwondering maar vooral genieten. De eeuwige stad is op het eerste zicht duizelingwekkend. Je ziet een wirwar van grootse ruïnes, afgebrokkelde muren, statige palazzi, torens, obelisken en koepels. Geen stad ter wereld die meer geschiedenis herbergt dan Rome. De verplaatsingen waren ietwat vermoeiend maar het geheel laat je niet onberoerd. Tussendoor genoten we uitgebreid van de lekkere Italiaanse keuken. Samen nipten we van een sprankelende prosecco op een zonnig terrasje op het plein aan het Pantheon. Op de achtergrond muziek van een straatzanger; “Imagine” van John Lennon en “Volare Cantare.” De bijwijlen diepzinnige gesprekken “tête a tête” waren een heerlijk interludium om te koesteren en in te kaderen. Er is een gezegde: “Hij is in Rome geweest, maar heeft de Paus gemist”. Wel, we waren twee van duizenden die pope Franciskus in levenden lijve hebben gezien en gehoord. Het maakte een onbeschrijflijke indruk. Toemaat bij ons bezoek was dat dorpsgenoot Hubert Moons ons heel hartelijk heeft ontvangen in het klooster van de paters Servieten van Maria op één van de zeven heuvels rond Rome. Moe maar voldaan zetten we woensdagavond laat terug voet op de ijskoude tarmac van Brussels Airport.

De dagen die volgden, heb ik menig traantje weg geplengd, er was het besef dat we fijne kinderen en kleinkinderen hebben en een hechte familie vormen. Mogen ze gezegend blijven met een goede gezondheid en geluk hebben in hun verder leven.

We zijn razend benieuwd naar wat het volgend decennium te bieden heeft. Begin maart gaan we met de jongens naar de match Mechelen – Anderlecht. We kijken ernaar uit. Want met een kwinkslag: “Het leven begint met 70!!”

En ik dacht dat het leven bij veertig begon. Dankjewel, papa.

Wij en ik

Zondagnamiddag. Toast literair. Saskia De Coster geeft een inkijk in haar schrijfkamer. Ze is van hier. Ik niet, maar mijn kinderen dan weer wél. Sinds ik weet dat de schrijfster bij juffrouw Bernadette in de laatste kleuterklas zat, kleur ik scenes uit haar familieroman Wij en ik anders in. De berg die Sarah alle dagen op fietst, is de Kasteeldreef. De villa’s en de schone schijn typeren Hoog-Linden. Er zijn natuurlijk verschillende soorten en maten. Ik wil ze niet allemaal over dezelfde kam scheren want  ze zullen niet allemaal hun tapijten kammen. Er wonen mensen die goed hebben geboerd, geluk hadden en per ongeluk een hoger gelegen stuk bouwgrond op de kop tikten. Er wonen ook nieuwe rijken die net daar gingen wonen omdat ze zelf niet gewoon raakten aan hun nieuwe status en er wat graag mee uitpakken. Door de ander leer je jezelf kennen weet-je-wel.

Ik woon in Laag-Linden in een straat waar het volk uit de hoger geleden gebieden moet passeren om er te geraken. Zo heeft ook onze straat een doel en betekenis in het leven. Tussen de Zuidflank van mijnheer Urbain en de Chartreuzenberg in Holsbeek, ga ik joggen en dat is uitermate rustgevend en inspirerend.

Wat als je in een wereld van schone schijn niet in de pas loopt? Daarover stelde niemand van het Davidsfonds een vraag. Gebruikt de schrijfster autobiografisch materiaal (natuurlijk) en hoe is dat voor de omgeving (lastig wellicht?). Ik heb de vraag niet gesteld. Haar familie zat in de zaal. Alles heeft zijn prijs. Wat mysterieus is, moet dat vooral blijven.

Saskia sprak over empathie en in het hoofd van personages kruipen. Over verzamelen en de composthoopmethode. Over met andere vormen van kunst bezig zijn en de deadline die ze zichzelf oplegt. Ik hoor haar graag spreken in een taal die mijn kinderen ondertussen ook spreken maar ik dus niet. Tom Lanoye heeft groot gelijk als hij haar de koppigste, grilligste en aantrekkelijkste pijn van België vindt. Ik kijk alvast uit naar haar volgende boek.

De-Coster-Saskia-1

Soldekind

Januari is en blijft een triestige maand met een zwart gat. De kleur van de leegte kan anders zijn waar de kerstboom stond. De dagen zijn nog kort. Er is niet direct perspectief op een volgend seizoen want de winter moet eigenlijk nog beginnen. De derde maandag is de zogenaamd meest deprimerende dag van het jaar. Gelukkig hebben we die al overleefd en kan het vanaf nu alleen maar beter worden.

Ik ben in deze maand geboren. Ik ben een soldekind. Al tweeënveertig jaar. Ik weet dus waarover ik spreek. Als je direct na de feestdagen een extra kaarsje mag uitblazen, komt dat niet zo gelegen. Er is al zoveel gefeest. Er zijn al genoeg cadeaus uitgedeeld. Culinair geprofiteerd. Kwistig gekust. Uitbundig gevierd. En dan. Samen met het begin van de solden. Is er nog een verjaardagsfeest terwijl iedereen liever thuis blijft (ze voorspellen slecht weer), spaart (je kan niet blijven uitgeven) en matigt met spijs en drank (de weegschaal liegt niet). Mijn vader is twee dagen na mij geboren maar 28 jaar eerder, anders had het niet gelukt.

Mijn vader en ik hebben hetzelfde sterrenbeeld. Steenbokken, die willen altijd iets om achterna te gaan. Ze willen dat hun leven betekenis heeft. Ze maken plannen om januari mooier te kleuren.

Inspiratie vind je zeker in de een jaar vol geluk scheurkalender. Daarnaast zijn er nog ontelbaar veel mogelijkheden; een trivialtime moment op het werk, een koopje tijdens de middagpauze, nog meer kunst kijken (al is Banksy blijkbaar geen aanrader), extra sporten, een voorafname op de alcohol die je in februari laat staan voor Tournee Minerale of een happyhour bij de therapeut.

De oppersteenbok is zeventig geworden en dus heb ik nog een beter plan. We gaan samen naar Rome. Met mijn moeder ben ik zo al eens naar Londen gereisd. Dat was zo leuk dat ik nu al uitkijk naar de volgende vijf of nul achteraan in haar leeftijd. Aardbevingen zijn niet uit te sluiten en nieuwe vondsten interessant. De reisgids die ik hem toestopte, heeft hij al in alle richtingen gelezen. Ik denk dat ik mijn enthousiasme niet van vreemden heb. Ik ga inchecken. Nog een goede maand.

15895042_1514327045263199_7059013902832687409_n