Minimalistisch mooi

Bij ons thuis hebben we voor alles een taakverdeling. Zelfs voor cultuur. Ik zorg voor de boeken, hij voor de muziek.  Hij speelt platen, ik lees erover. Gisteren gingen wij naar Jan Swerts. Niet de schilder van 1820 maar de muzikant van 1977. Ik was goed voorbereid maar moest toch nog doorheen twee voorprogramma’s.

Een enorm grote mens genaamd Joep Beving mocht aan de piano de spits afbijten. Als mamareus en hun gigantische kinderen in bed liggen, tokkelt hij in de keuken op de piano als therapie. Ik hoorde, alles wat ik de voorbije week voelde, voorbij komen. Klein en groot, moe en energiek, opzij gezet en aangesproken, beschaamd, boos, bang en verdrietig maar ook verantwoordelijk, opgewonden, gelukkig en vereerd. Ik heb ook ooit piano gespeeld maar nooit met zoveel gevoel. Wist ik veel dat je instrument in de keuken moet staan en dat je pas mag spelen als je huisgenoten in bed liggen. Mooi dat je met je gevoel iets kunt doen waar anderen ook wat aan hebben. Daarna volgde Oaktree en kon ik verder bekomen van de voorbije week.

Uiteindelijk was er Jan Swerts. Hij beweert dat er comfort zit in melancholie en speelt mooie minimalistische pianomotiefjes. Tussendoor klinkt hij als een fijne leraar waarvan je veel kan leren. Zijn platen zijn kunstwerken. Het artwork is geschilderd door Stijn Felix. De schilder Jan Swerts is immers al lang niet meer.

Advertenties

Heb je even?

Ik weet dat jullie liefst huis-tuin-en-keuken verhalen lezen over manlief en de kinderen maar dit keer ga ik dat niet doen. Ik heb een groot hart en dus is er nog plaats voor andere zaken naast de allerbelangrijkste.

Deze morgen op de radio hoorde ik een interview met de pas verkozen Kmo-laureaat van het jaar waarmee Unizo de Dag van de ondernemer aanvat. Een nieuwsfeit dat mij altijd weet te prikkelen. Alleen kom ik daarvoor niet uit het juiste nest. Ik kom uit een arbeidersgezin. De enige kostwinner had nog een bijberoep in verzekeringen. Als hij premies ging innen, rondde hij af naar beneden en legde het verschil uit eigen zak bij. Hem in één woord; sociaal. Het is al jaren mijn alibi om zelf werknemer te blijven. Ik wil trouwens ook een Dag van de werknemer. Een werknemer van het jaar strookt niet met het begrip; solidariteit. 

De verkozen ondernemer is een west vlaming waarvan ik de naam ben vergeten maar die het gemaakt heeft in de vlees business. Geen Boma-figuur die per ongeluk PDG werd, maar een man met een missie. Omdat hij toch bezig was met verpakken heeft hij met zijn missie hetzelfde gedaan en er drie G’s opgeplakt. Ze staan voor genot, gemak en gastronomie. Ik zie onmiddellijk wat je mag verwachten, voor wie en hoe ze werken, welke mogelijkheden er uit kunnen voortvloeien. Wat ben ik daar jaloers op!

Ik werk in een grote organisatie met een belangrijke rol en opdracht in de samenleving. Als je ons vraagt waarvoor wij staan (als dat al wordt gevraagd) dan komt er een “Heb je even?”. Wij zijn namelijk goed in uitleggen en schitteren in nuance hoewel je dat misschien niet meteen verwacht. Tijdens die uitleg hapt de zender bij de derde zin naar adem en is de ontvanger op hetzelfde moment met zijn gedachten elders. Daar moeten we toch iets aan doen.

Eenvoud is het kenmerk van het ware.

Je kan erop verder bouwen om een excellent product of een uitstekende dienstverlening te leveren, duidelijke werkwijzen en handige tools te ontwikkelen, medewerkers te laten groeien, meer klanten te vinden en een grote tevredenheid te realiseren.

Mijn missie is opruimen en zaken juist zetten. Ik gebruik daarvoor drie P’s. Verschil moet er zijn. Het staat voor plannen, plan trekken en plezier. Wie ben jij in één woord? Waar sta jij voor in enkele letters? En nee, ik heb niet even. 

Goal

Als je meer wilt, moet je meer worden. Wie meer wilt worden, moet goed plannen. Waarvoor is dat plannen een oplossing? Juist! Om vierkant je goesting te kunnen doen en elk moment het geluk tegemoet te kunnen gaan.

Wij hebben drie kinderen, een dozijn afspraken en een paar plannen. Eén daarvan is dat we een citytrip maken met het kind dat een veelvoud van 5 jaar bereikt. De jarige mag dan met zijn verwekkers op reis. Hij of zij kiest en bereidt voor. We geraakten zo al in Amsterdam, Boedapest en 2 keer in Londen. In The City wilde het meisje naar Madame Tussauds  en Harrods. Ze raakte verslingerd aan de metro en wilde in de parken eekhoorns adopteren. De jongen ging liever rondneuzen in Hamleys, dino’s kijken en naar het Wetenschapsmuseum. Not my cup of tea. Die ging ik dan maar drinken met een boek over de pikorde in het gezin. Daar kan ik meer van genieten dan van een berg botten van een uitgestorven diersoort.

Dit jaar vielen we terug in de prijzen met ons sandwichkind. Hij heeft niet dezelfde voordelen als de speciale eerstgeborene maar is ook niet het verwende jongste kindje. De sukkelaar werd 15 en ging dit jaar al met een snowboardkamp en skivakantie aan de haal. Zijn individueel reisbudget was helemaal op. Je kan niet alles hebben in het leven.

Nu droom ik er wel van oud te worden als een zotte oude doos met fout gestifte lippen en veel bezoek van mijn kinderen. Als ik in de negentig ben, zou ik ook willen dat er rond mijn zetel geen oude rekeningen worden vereffend over wat de ene meer mocht of kreeg dan de andere. Daarom zoeken wij naast goede plannen ook naar een evenwichtige verdeling van aandacht en middelen.

De voetbalmatch België – Estland in het Koning Boudewijn Stadion werd het alternatief verjaardagscadeau. Intens geluk kan immers geen drie of vier dagen aan een stuk duren. Negentig minuten is al veel. Herinneringen moet je zelf maken en dus gingen we voor frieten, bier, spektakelvoetbal met doelpuntenkermis dichtbij huis. Niet alleen botten maar ook spieren en knappe koppen dus.

Het werd een geweldige avond. Hopelijk herinner ik hem mij over een halve eeuw nog en als dat niet het geval is, kan ik altijd nog mijn blog lezen.

Waar is Kaat?

Ken je Waar is Wally? De zoekjeugdboekenserie waarin je Wally en zijn vriendin Wanda of hond Woef moet zoeken. In het echte leven beleven wij thuis voortdurend Waar is Kaat? Ze draagt gelukkig niet altijd rood-wit met jeans. Ze lacht wel altijd. Danst in plaats van loopt. Zingt als ze praat. Ze is vaak onvindbaar maar toch overal aanwezig.

Toen ze nog niet geboren was, dook haar naam al regelmatig op. In  theaterstuk “Kaatje is verdronken” en in de Tv-serie “Kaat & Co”. We kregen ondanks alles toch een Kaat.

Na het eerste verjaardagsfeestje waarop ze werd genodigd, hebben de gastouders een eeuwigheid moeten zoeken Waar is Kaat? Ik heb ons jongste kind toen heel duidelijk gemaakt dat ik dat nooit meer wilde. Toch bleef ze zich verstoppen. Iedere keer als iemand thuis kwam, speelde zij verstoppertje. Het was aanstekelijk en we deden mee.

Een paar weken geleden stond de fiets van Kaat eenzaam en alleen langs de weg naar school. Kaat zelf was nergens te bespeuren. Broer en zus kwamen voorbij en seinden het nieuws door. Na een telefoontje met school, bleek ze toch aanwezig in de klas. Wat deed die fiets daar dan? Er woont een klasgenootje dat ze elke ochtend gaat uithalen. Fijn om te weten want onze kleine viel al eens van haar fiets. Van hoofd tot schouders en van knie tot teen was ze geschaafd en geschonden. Geen dansen of zingen, zelfs geen glimlach op de foto maar gelukkig ook geen breuken.

Vorige week ging ik met een vriendin eten bij een nieuw Italiaans restaurant in de buurt en ook weer op haar weg. Kaat stopte, kwam vrolijk binnen, gaf ons een kus en vroeg hoe het ging. Waarna ze weer verdween, geflankeerd door twee dansvriendinnen op de fiets. Ze duikt echt overal op.

Als je deze week voor schooltijd een flits zag, heb je mogelijks ons kakkenestje ook gezien. De snelle versie van Waar is Kaat? dan wel. Ze was bijna gearriveerd aan school. Op de berg van Tivoli of ergens in Casablanca, ontdekte ze dat haar rugzak niet op haar rug zat. Ze gooide haar stuur om en koerste in zeven haasten en sneller naar huis om het spul te halen. Ze trapte als een gek en was in school vooraleer de bel ging. Alles doet ze om geen sticker te krijgen. Het sanctiemechanisme dat de school gebruikt om de eerstejaars discipline bij te brengen, is niet geschikt voor plichtsbewuste mensjes. Op school wachtte de ziekenkamer en een heus verhoor om bij te komen van de hartkloppingen. Of alles goed gaat op school en thuis? Of er iets is waar ze bang voor is? Ja mevrouw, voor een sticker. Nu wilde ze zich eens niet verstoppen en werd er toch nog gezocht. Zoek Wally, dacht ik toen, niet Kaat.

Een jaar voor jezelf

Dit levensjaar geef ik mezelf een jaar om te bloggen. Schrijven is niet zo nieuw, publiceren en laten lezen des te meer. Het is spannend, leerrijk en het levert me interessante nieuwe en intensere bestaande contacten op.

Bij een piek in de statistiek van mijn blog, vrees ik dat ik mezelf buitenissig bloot geef of overvloedig veel taalfouten schrijf. Soms zijn er gelukkig nog andere redenen. De 6e klas vrije beeldende kunsten besprak onlangs mijn blog in de les Nederlands. De juf vond mijn blog professioneel en opperde dat ze mij wel kon gebruiken om op te ruimen. Laat maar komen mevrouw, want voorlopig kan ik met mijn opgeruimd zijn niet veel. Thuis hebben ze er genoeg van. Naar verluid is het al net genoeg. Als ik toch in spic en span modus geraak, bak ik tegelijk cake om de geur te verdoezelen. Op het werk duiken de collega’s weg als ze me met een papiercontainer door de gang zien lopen. Schrijven is een surrogaat geworden voor opruimen. Ik ruim zo op in mijn hoofd.

Wat bloggen voor mij is, kan iets anders zijn voor jou. Iets vinden dat belangrijk voor je is en dat toevoegen aan je leven is namelijk de sleutel tot geluk. We geven voeding aan anderen en moeten onszelf dus ook voeden. Als je jezelf niets gunt, kan je schade oplopen. Soms moet je een omweg maken (in mijn geval bloggen) om te komen waar je altijd al naartoe wilde. Je moet de moed hebben te erkennen wat je wil en gericht actie ondernemen zodat je het krijgt.

Durven is even je evenwicht verliezen.

Niet durven is uiteindelijk jezelf verliezen.

Verander daarom je leven en doe wat je altijd wilde. Hier zijn alvast 8 tips om je op weg te helpen;

  1. Maak van geluk een prioriteit.
  2. Zoek tijd voor de doelstelling in je leven.
  3. Bedenk iets haalbaar en wezenlijk.
  4. Zeg “nee” tegen anderen.
  5. Zeg “ja” tegen jezelf.
  6. Geloof erin. Je kan meer dan je denkt.
  7. Maak je droom concreet. Als je weet wat je wil, vind je de weg er naar toe.
  8. Wie zegt dat het bij één jaar moet blijven?

Kan je niet kiezen? Vraag jezelf dan af wat het meeste invloed op je leven zal hebben. Kleine veranderingen kunnen een grote invloed hebben. Wat we “echt” willen, is vaak hetzelfde als wat we “altijd” al hebben gewild.

Hoe kan je je dromen ontdekken? Laat je geest dwalen en dagdroom;

  1. Wat zijn je gelukkigste herinneringen?
  2. Welke toekomstdromen had je toen je jong was?
  3. Wat waardeer je het meest in jezelf?
  4. Wat voor leven zou je leiden als je miljonair was?
  5. Noem enkele dingen die je graag zou doen maar nu niet doet?
  6. Als je naar de wereld om je heen kijkt, wat zou je dan (van alle dingen waarmee je je verbonden voelt) het liefst willen veranderen of verbeteren?
  7. Wat heeft je leven tot nu toe het meest voldoening geschonken?
  8. Welke vijf mensen fungeren voor jou als belangrijkste rolmodellen?
  9. Welke drie dingen wil je veranderen aan jezelf?
  10. Welke vijf dingen die je op dit moment nagenoeg niet hebt in je leven zijn voor jou het belangrijkst?

Bekijk de antwoorden. Ben je het eens, oneens, zie je een patroon? Destilleer wat best voor je is. Is er iets dat je echt anders wil of waar je op wil concentreren? Neem wat gemakkelijkst uitvoerbaar en meest bevredigend is. Zo begin je met weten wat je wilt en geraak je zeker van je stuk. Een droom is eigenlijk niets anders dan een middel dat je vertelt wat je gelukkig zal maken. Er is geen betere gids om je door het leven te loodsen.

Wat wil jij een jaar voor jezelf? Weet je het nog niet? Lees het boek van Mira Kirshenbaum en laat me weten wat je gaat doen.

Ik wilde het boek onlangs cadeau doen aan iemand die mijn blog ondertussen is gaan volgen als “Vergeet2016”. Dat boek komt er dus alsnog aan. Ik ben benieuwd wat zij gaat doen in 2017.

50530afc2160b1-06197313

Voor verbetering vatbaar

Ik schrijf niet graag over politiek maar politiek is natuurlijk overal. Ik hou het graag positief en daarvoor moet je soms geduld hebben en wachten. Op een mooi stukje van deze collega bijvoorbeeld of op de betere achtergrond, duiding en filmpjes die je op Twitter vindt.

Het is vaak op de tanden bijten als je uitspraken hoort als “vuile walen”, “eigenbelang” en “politieke spelletjes”. Ivo Belet was niet mals voor de manier waarop de Waalse regering vragen had bij het handelsakkoord met Canada. Van een gewezen journalist had ik toch meer inhoudelijke argumenten verwacht. Van politiekers in het algemeen eigenlijk ook.

Onlangs was ik bij de tandarts. Dat krijg je ervan als je te veel op je tanden bijt. Traditioneel vraagt zij net wanneer ze mijn mond helemaal heeft open gesperd of we al vakantieplannen hebben en zo ja naar waar. Ik kan altijd moeilijk antwoorden. Ik spaar de antwoorden en mijn vragen voor het moment dat ik terug deftig kan spreken en zij me geen pijn meer kan doen. Dit keer stelde ik een informatieve vraag over tandpasta. Aan wie moet ik het anders vragen? Niet aan Ivo Belet. De tanden fee gaf me ongevraagd een les in wereldeconomie. Dat had ik niet verwacht van iemand die de hele dag anderen in de bek kijkt en in haar vrije tijd schildert, maar vergis je niet. Ze is de beste informatiecampagne voor CETA (het handelsakkoord met Canada) en TTIP (het handelsakkoord met Amerika) dat je kan bedenken. Ze vertelt over de strenge normen nu en de angst over wat volgt als die regels moeten onderdoen voor de wetten van het  kapitaal. Ze wil me ineens ook behoeden voor goedgelovigheid en illustreert dat met de macht van een multinational als Bayer. Misschien moet Ivo Belet ook eens naar de tandarts. Zijn mond mag in ieder geval wel eens gespoeld.

Nog een geluk dat er Belgen zijn die goed opletten en wél reageren. Het is een vuile job maar iemand moet het doen. Het is Paul Magnette gelukt om het CETA akkoord uit de achterkamertjes van Europa te halen en een publiek debat op gang te brengen. In de toekomst zal er anders met dit soort akkoorden worden omgegaan en dat is een overwinning op zich. er heeft de houding van een vader die zij

“Juncker heeft de houding van een vader die zijn kind oplegt in de hoek te gaan staan om na te denken over hoe het zich wel moet gedragen wanneer de grote mensen zaken doen”. Astrid Pepermans, onderzoekster aan de VUB, gebruikt een mooi beeld voor de arrogante manier van aan politiek doen. De Canadese activiste Naomi Klein had de Belgen ook al bedankt om niet te plooien voor de onvoorstelbare druk van de strikte deadlines. Mag dat ook eens gezegd?

Wat ben ik blij met initiatieven als Voor Verbetering Vatbaar. Ga zeker eens kijken.

Kinderen

Soms vraag ik me af of ze hier eigenlijk nog woont. Stiekem is ze nu al een beetje op kot. In de top van ons huis. Ze bewoont er de grootste kamer. Deels atelier en deels gezellige ruimte. Ze is creatief en bezig met de weg die volgt op de middelbare school. Ik volg haar op Facebook, Instagram en Pinterest. Zij mij ook. In het echte leven praten we gelukkig over alles wat daar buiten gebeurt.

Het was een confrontatie toen ik deze week weer in Nederland was en de gelegenheid nam om een vriend en klasgenoot uit mijn middelbare schooltijd te bezoeken. Hij en zijn vrouw leven midden de pampers. Een peuter van bijna twee en een baby op komst. Ik kocht een boek en mocht nog eens voorlezen uit Dikkie dik. Ik was bijna vergeten hoe fijn het is om een pasgewassen uk in zachte stof met blinkende wangen en stralende ogen te vertellen over de fratsen van een poes. Dat kan thuis niet meer.

Met een podcast in de hand, rijd ik door het ganse land en terug naar België. Ik kies een aflevering van Touché. Friedl’ Lesage interviewt Dick Swaab. De neurobioloog stelt dat het beter zou zijn om de volwassenheid te verschuiven van achttien naar vierentwintig jaar.  De leeftijd waarop wij onze eerste kind kregen bijna achttien jaar geleden. Fijn om te horen.

Wij geven geen papjes en badjes meer. In bed kruipen ze ook alleen. Ik wil alleen nog een kus voor het slapengaan en ben pas gerust als ze allemaal  onder de wol liggen.

Als ze nog eens voorbij glipt om een kommetje yoghurt te scoren, ga ik bij haar zitten. Ik vraag waar ze mee bezig is en of het lukt maar krijg weinig antwoorden. Ik gooi het over een andere boeg en zeg dan maar onomwonden dat ik contact wil. Mijn stijl. “Vertel jij maar”, zegt ze. “Oh, heb ik dan een boeiender leven dan jij”, stamel ik. Ze antwoordt “Vandaag wel”. Ik lach. We lachen. Haar wangen blinken en haar ogen stralen. Fijn om te zien.