Iedereen coach

“Ich bin afkomstig van hei. Mé, as ich zoe begin te kalle moedet mich zegge want anners goat de gé mich nie verstoon. Kunne vè dé zoe aafspreken?” zo begon ik dinsdagochtend een tweedaagse training over loopbaangesprekken voor HR-volk van ons moederbedrijf. Dat feest ging immers geheel toevallig door op een toplocatie in het dorp waar ik ben opgegroeid, een boerengat tussen Hasselt en Eindhoven.

Er wordt veel gesproken in onze stiel; zo zijn er selectiegesprekken, aanwervingsgesprekken, introductiegesprekken, beoordelingsgesprekken, planningsgesprekken, ontwikkelingsgesprekken, functioneringsgesprekken, doelstellingengesprekken, evaluatiegesprekken, opleidingsgesprekken, loopbaangesprekken, correctiegesprekken, ontslaggesprekken exitgesprekken, terugkeergesprekken en zo kan ik nog een tijdje doorgaan. Belangrijk is niet zozeer de benaming maar wel dat je duidelijk en transparant bent over de boodschap en dat dit voor beide partijen overeenkomt.

Coachende vaardigheden bepalen de kwaliteit van dit soort gesprekken. Coachen is uitlokken, ondersteunen en begeleiden van leren. Geen oplossingen aanreiken maar vragen stellen zodat mensen zelf de oplossing  vinden. Behalve enthousiasme en oprechte belangstelling heb je hiervoor een aantal vaardigheden nodig. Jef Clement benoemt er zeven;

  1. Verkennen
  2. Waarderen
  3. Betrokken confronteren
  4. Uitdagen
  5. Inspireren
  6. Toelaten
  7. Ontspannen

Vaardigheden leer je natuurlijk niet in boeken. Die moet je trainen. Oefening baart kunst en al doende leer je. Je leert 1) door te doen, 2) te ondergaan en 3) te observeren én door liefdevol en kritisch feedback te krijgen over dat alles. Door iets achter te houden, ontneem je immers een ander de kans om te leren.

Ik heb weer veel geleerd en ik hoop van de deelnemers hetzelfde want dat was de bedoeling. We hebben daar een doelstellingengesprek over gehad al kan het ook een afstemmingsgesprek zijn geweest. Na afloop wil elkeen ermee aan de slag en is iedereen een beetje meer coach.

Ik heb genoten van de boeiende inhoud en veertien fijne deelnemers. Volgens mij had de plezante sfeer ook iets met Limburg te maken. Het is er rustig, mooi en inspirerend. De mensen zijn er aangenaam en gul. Ze hebben er humor en zelfrelativering. Zo ben ik blij dat ik geen Weekendje Wenen heb gewonnen. Er moest helemaal niets maar deze twee dagen waren bijzonder heilzaam voor mijn Limburggevoel.

Advertenties

P = O

Mijn vorig stukje was niet goed. Ik was er nochtans speciaal voor via Groningen naar Utrecht gereden. Haha. Het kreeg slechts één duim en geen enkele reactie. Niet dat dat belangrijk is. Het is het plezier van het schrijven dat telt. Het gaat om pure zelfreflectie. Het enige wat je over dat stukje kan zeggen, is dat ik consequent blijf met mezelf. Te veel willen doen om een straf wijf te zijn en er niet in slagen de dingen goed te doen/goede dingen te doen en een kwartelei zijn.

Het moet gezegd, er zat te veel in. Mijn kop zit te vol en bloed kruipt waar het niet gaan kan. Negatief denken is een gewoonte maar positief denken is dat ook. Ik heb een POP nodig. Een wat? Ja, nee niet zo eentje met vlechten en een verkreukelde jurk maar wel een Persoonlijk Ontwikkelings Plan (POP) voor beter bloggen. Het mag ook een Persoonlijk Actie Plan (PAP) zijn of voor wie echt hip wil zijn een Performance Improvement Plan (PIP). Hiervoor zijn 4 stappen nodig.

1.      Reflecteren en spiegelen. Maak de balans op door zelfreflectie en feedback. Blijf bij de les. Kies één onderwerp waaraan je alles ophangt. Wijd niet uit. In Minder beter doen kon het gaan over timemanagement ((niet)dringend versus (niet)belangrijk), over keuzes  maken of over evenwichten zoeken en in balans zijn.  

2.    Exploreren. Zoeken naar een gepast antwoord, gedrag, ontwikkeling of verandering.

  • Bedenk een wervende titel. Die was niet sexy en veel te vaag, daar word je niet vrolijk van en het nodigt niet uit tot lezen.
  • Schrijf een straffe openingszin. De eerste zin was wel straf maar kwam helaas niet uit mijn koker.  
  • Geef een boodschap mee. Je moet geen lessen forceren. De lezer haalt er zelf wel uit wat hij of zij wil.
  • Zorg dat het plezant is om te lezen. Andermans to do-lijst is niet interessant.

3.    Kiezen en actie ondernemen. Stel een concreet actieplan op. Dat is wat ik nu doe maar waarover ik niet te veel ga vertellen want er is veel kans dat ik nog fouten maak.

4.    Evalueren en bijsturen. Noteer realisaties en stem af in de richting van het resultaat.

Ik zoek graag het voordeel in elk nadeel. Problemen zijn vaak oplossingen voor iets anders en dus is elk probleem ook een oplossing.

Minder beter doen

Soms ben ik het sterkste wijf ter wereld, soms ben ik een kwartelei. Die is niet van mij maar van Griet Op De Beeck. Het sterkste wijf in mij, wil veel dingen doen. Het kwartelei doet die helaas niet altijd goed. Haast en spoed weet je wel.

Ik heb zoals iedereen veel rollen die ik naar godsvrucht en vermogen en met vallen en opstaan probeer te vervullen. Toen ik dinsdag voor een paar dagen van huis vertrok, dacht ik alles goed geregeld te hebben maar dat bleek niet het geval.

De bestemmingen waren Brussel (voormiddag), Antwerpen (namiddag) en Groningen (avond en 2 dagen). Ik kwam in Schaarbeek aan maar werd aan de Grasmarkt verwacht. Het is slechts 4 kilometer verschil maar om 9u. ‘s morgens ben je sneller als je slentert. Ik kwam uiteraard te laat. In Groningen moest ik helemaal niet zijn. Voor een opleiding aan het Bert Hellingerinstituut reserveerde ik snel-snel een B&B in de buurt. Slim, dacht ik. Ik reed 370 kilometer doorheen het mooie Nederland zoals Jan Mulder wellicht vaker doet. Misschien zou het mij ook scherpe analyses, lyrische taal en (een) karakter(-kop) opleveren. Ik was blij dat ik er was maar de blijdschap was van korte duur. Wanneer ik voor het slapen gaan, nog even mijn papieren ter hand neem, stel ik vast dat de opleiding niet in Groningen maar nabij Utrecht doorgaat. Ik zit 170 km te ver. Jezus. Niet slim van mij. Ik ontbijt in de auto en manoeuvreer me door een dramatische ochtendspits om (je raad het al) te laat te komen. Eerste les; doe eens wat minder en doe beter.

Ik houd het twee dagen vol omdat het niet anders kan. De training slorpt me immers helemaal op. Vrijdagavond val ik haast in slaap tijdens een geveild diner voor het goede doel. De volgende dag moet (ja nee, ook wel mag) er weer veel gedaan worden; joggen, boodschappen doen, wassen, drogen, snoeiafval naar het containerpark brengen, met zoonlief naar een voetbalmatch en zo veel meer. Wat gedaan is, is gedaan. Die is ook niet van mij maar van Gonda. Vandaag doe ik niets … behalve joggen, voetbaltenues wassen, strijken, stoofvlees maken, bloggen, wandelen en nog van alles.

Wacht.
Stop.
Neem een blad.
Teken een cirkel.
Teken het taartdeel voor de tijd die je in WERK hebt gestoken.
Teken het taartdeel voor de tijd die je besteedde aan ZORG.
Teken het taartdeel voor de tijd  die over was voor ME TIME.

Wat valt op? Wat is goed? Wat kan beter?
Voor mij is het best OK. Ik zet MOETEN om in MOGEN en wil gewoon veel. Misschien moet ik eens proberen trager te haasten en dan hopen niet te laat te komen.

 

Later als ik groot ben

Vroeger wilde ik dan in de politiek. Nu denk ik dat niet meer. Mijn energiebronnen in dat verband zijn; verantwoordelijkheid nemen, beleid maken, organiseren, vooruit gaan en open communicatie. Mijn energielekken in deze zijn; vergaderen, niet vooruit gaan, treuzelen, slechte communicatie en politieke spelletjes.

Ik had deze week niet graag in de schoenen van Hermes Sanctorum of Hilde Claes gestaan. Hermes kwam op voor Groen, woont in mijn gemeente en neemt zijn vak ernstig. Zijn naam boezemt weinig vertrouwen in. De voornaam lijkt op herpes. Sanctorum kan met heiligen te maken hebben maar klinkt ook als scro…. Enfin, daar kan hij wellicht niet aan doen maar bij de eerste pamfletten die ik van hem ontving, had ik wel de neiging om plastic handschoenen aan te doen. Een politicus beoordeel je natuurlijk niet op naam of faam maar op werk. Daarbij telt niet alleen het resultaat maar ook de inspanning. En daaraan zal het hier niet gelegen hebben. Hij moet zijn stemmen gebruiken en mag zijn stem dus best wel eens verheffen. Deze week stapte Hermes uit de partij omdat die niet ver genoeg ging in de strijd tegen onverdoofd slachten van dieren. Daar moet je ballen voor hebben. Sorry voor de woordspeling. De discussie over het onverdoofd slachten van dieren, mag inderdaad stoppen. Er is genoeg ander werk. Hermes deed een voorstel van decreet maar werd niet gevolgd en vond het welletjes. Heel lovenswaardig, weinig pragmatisch. Ik hou wel van mensen die ergens voor staan en ook door gaan. Die zouden er eigenlijk meer moeten zijn. (+)  De partij Groen communiceerde ondertussen ook eervol; snel, duidelijk, met veel respect voor de vertrekker en met open armen voor als die terug wil keren. (+)

In Hasselt was de communicatie minder geweldloos. Wat daar allemaal heeft mee gespeeld, dat wil ik zelfs niet weten. (-) Een nieuwe burgemeester en een andere aanpak brengen hopelijk een andere dynamiek, positieve sfeer en vooruitgang. (+)

Ik heb deze week veel vergaderd. (-) Na afloop ben ik altijd blij nog even te kunnen werken. Bij elke druk op het toetsenbord, geraak ik meer in een flow en uiteindelijk moeten ze me naar huis sturen. (+)

Hoe zit het met jouw energiegevers en energievreters? Wat doe je voor meer bronnen en minder lekken? Neem je functiebeschrijving of taakinhoud eens ter hand en zet plussen en minnen. Ze geven inzicht. Kijk maar eens hierboven. Misschien doe ik het toch nog ooit, later als ik groot ben.

 

Leuke bril

“Leuke bril, waar jij door kijkt”, zeg ik wel eens tegen een ander. Maar wat zeg je als die ander een minder rooskleurige (zeg maar grijze) blik op de wereld heeft? Ik blijf van nature liever uit de buurt van Theo en Thea Grijs. Ik ben een positivo en probeer de zaken van de zonnige kant te bekijken. De voorbije week was dat heel lastig en aan de zon heeft het niet gelegen.

De laatste weken heb ik me bijzonder geamuseerd met het verjaardagscadeau voor mijn schoonvader. De man mocht vorige maandag zeventig kaarsjes uitblazen. Mijn echtgenoot en ik, hadden het idee voor de Humo-lezer een speciale editie van en over hem te schrijven en exclusief voor hem uit te geven. Ik was (zoals gewoonlijk) de motor, hij (ook zoals gewoonlijk) de rem. Mijn enthousiasme moet nu eenmaal regelmatig getemperd. De nadelen (hij); het vraagt veel werk, we hebben daarvoor geen tijd, we gaan niet veel hulp krijgen en zullen op tijd moeten beginnen. De voordelen (ik); het is een persoonlijk cadeau, hij zal het niet verwachten, je kan er veel in kwijt en hij gaat er heel blij mee zijn. Ik won. We kregen natuurlijk wel hulp. Het was plezant en leerrijk om te doen. Het resultaat gaf meer verdieping en verbinding dan vijfentwintig familiefeesten. Je moet natuurlijk wel op tijd beginnen. Zelfs als een boer van plan is te luieren, staat hij bijtijds op om er vroeg mee te kunnen beginnen.

Vorige maandag kreeg de jarige het éénmalige magazine in de brievenbus. Zoals in een echte Humo waren er interviews en teksten met titels als De wonderjaren van, Cherchez la femme (voor deze gelegenheid zelfs een Cherchez la belle-soeur want zo is er maar één), Jonge leeuwen (met de kinderen), Het leven zoals het is met kleinkinderen, Hoe zou het zijn met  een goede vriend, Uitlaat en veel meer. Mijn wederhelft (de schat!) moedigde me aan een column te schrijven. Ik schreef over hoe ik mijn schoonvader dertig jaar geleden leerde kennen toen hij mijn leraar Nederlands en ik zijn leerling was. In mijn stukje schreef ik dat ik bang was voor de rode pen en punten. Ik vroeg me ook af welke raad ik mijn jongste dochter kan geven die naar het eerste middelbaar gaat. “Let op voor die van Nederlands, hij heet misschien wel Frans”.

Op het verjaardagsfeestje maandagavond werd ik nog eens geconfronteerd met de bril van mijn schoonfamilie. Ik heb geen bril nodig om ze graag te zien. Uit liefde had ik zelfs verdrongen dat zij anders naar de wereld kijken dan ik. Het maakt ons Yin en Yang. “Ik ben niet pessimistisch maar realistisch”, zeggen ze dan. Ja, het zal wel. Zij zien echt altijd eerst wat niet goed is. Een fout die ik na 20 keer herlezen niet meer zag en bleef staan, een persoon die niet geïnterviewd was of niet voldoende aan bod kwam of te weinig exemplaren. Alles kon beter. Maar ze vonden het wel fijn hoor. Mijn brilglazen waren ondertussen toch wat aangeslagen. Ik kon er even niet meer door zien. Het boekje bleef een hele week op mijn maag liggen. Ik, die de zaken graag positief zie, viel pardoes in mijn eigen allergie en werd negatief omdat ik niet tegen negativiteit kan. Wat voelde ik me belachelijk met mijn column en dan in ineens ook maar met mijn blog.

Vrijdag volgde nog een cadeau. Mijn man zou met zijn vader alleen een citytrip maken. De gewezen schooldirecteur en controlefreak zou pas op de luchthaven weten waar de reis naartoe ging. Ook niet gemakkelijk. Om door nog een andere bril te kijken en je te laten verrassen (2 r-en!). Via WhatsApp kreeg de familie al leuke (ja toch wel) foto’s uit Porto. Vader en zoon aan de koffie of tapas met een fles goede wijn op een terras. Kiekjes van de havenstad en van hen fietsend langs de Douro. Als ik mijn schoonmama (de schat!) terugbel (ze helpt me er ongewild aan denken dat ik elke week 10 uur pendel en dus niet vroeg thuis ben) weet die alleen te vertellen dat de jongens een uur op het vliegtuig hebben vast gezeten. Eén element, geen positief. Ik wist het niet eens en deze keer was het echt niet omdat ik het niet wilde horen. Ik moet erom lachen. Het is ook altijd wat. Wat ben ik blij met mijn roze bril. Ik zal hem toch maar op houden. Grijs is aan mij niet besteed.

 

roze-bril